Dan doe je toch gewoon IVF?

Wie niet zo maar zwanger raakt, kan altijd nog IVF doen, denkt de buitenwereld vaak. Maak je een andere keuze, dan heb je iets uit te leggen. “Natuurlijk willen wij heel graag een kind. Maar niet ten koste van alles.”

Tekst: Denise Hilhorst

“We konden met IVF beginnen, maar wij voelden ons daar niet goed bij,” vertelt Nienke. Zij en haar man trokken na vijf IUI-behandelingen een streep. Een weloverwogen keuze, waar ze voor de volle honderd procent achter staat. Maar haar omgeving maakt het haar af en toe knap lastig. “Veel mensen snappen het niet. Waarom doen wij niet ‘gewoon’ IVF? We willen toch zo graag een kind? Ik heb het gevoel dat ik telkens onze beslissing moet verdedigen.”

Dit artikel lees je gratis. Je kunt onderaan het artikel een kleine bijdrage doen, zodat wij artikelen kunnen blijven schrijven over vruchtbaarheidsproblemen.

Mentaal zwaar

Marijke Linssen weet zeker dat een opmerking als “Dan doe je toch gewoon IVF?” goedbedoeld is. Ze is gespecialiseerd coach voor koppels met vruchtbaarheidsproblemen en auteur van het boek ‘Verborgen verlangen’. “Mensen vinden het lastig om iemand zo wanhopig te zien en proberen te helpen. Iedereen kent wel iemand die een IVF-baby heeft. Daardoor lijkt IVF een voor de hand liggende oplossing. Maar het is zeker geen behandeling die je ‘gewoon’ even doet.” In haar praktijk hoort ze dat het fysiek voor de meeste mensen nog wel te overzien is, maar dat het vooral mentaal zwaar is. “Dat je voor de zoveelste keer met je benen wijd ligt voor de zoveelste dokter. Dat je vreselijk bang bent dat het niet gaat lukken. Dat je elke keer vreselijk teleurgesteld bent als je toch weer ongesteld wordt. En dan moet je jezelf iedere keer maar weer bij elkaar zien te rapen voor de volgende behandeling.”

Lees ook: Mentale begeleiding, hard nodig!

Geen wondermiddel

Door alle succesverhalen in de media lijkt IVF ook wel het wondermiddel te zijn, zegt Linssen. “Naast de succesverhalen is er ook het stille verdriet van mensen die met lege handen staan. Daar hoor je veel minder vaak iets over. Van alle stellen die starten met IVF, heeft slechts 50% na de drie behandelingen die worden vergoed een kind.” In het IVF-traject kunnen er veel dingen misgaan, legt ze uit. “Mensen leven van stap naar stap. Als er één stap goed gaat, zijn ze opgelucht, maar ze weten ook: de volgende stap moet ook weer goed gaan. Dat is slopend. Er is zo veel onzekerheid, zo veel stress. En nooit is er garantie. Wat dat met mensen doet heeft lang niet iedereen in de omgeving door. Zelfs artsen niet altijd.”

We houden ermee op

Ook Iris viel het jarenlange traject van onderzoeken en behandelingen zwaar. “Ik werd bovendien een monster van de hormonen.” Zij en haar man hadden nog één ICSI-behandeling (een specifieke vorm van IVF) tegoed toen ze er een punt achter zetten. “We wilden weer leven in plaats van geleefd worden door onze kinderwens.” Na de tweede ICSI hielden ze een pauze. En die werd langer en langer. “Ons leven liep weer zo lekker, we hadden het weer zo fijn samen, dat wilden we niet aan de kant te zetten voor die laatste poging. Toen iemand er na een tijdje naar vroeg, zeiden we ineens allebei: ‘We houden ermee op’. Terwijl we dat nog niet eens naar elkaar toe hadden uitgesproken.”

Lees ook: En nu is het genoeg!

Over de grens

Volgens Linssen is stoppen met vruchtbaarheidsbehandelingen vreselijk moeilijk. “Hoe rot mensen zich ook eronder voelen, de pijn en het verdriet van kinderloosheid zien ze als nog veel erger.” Zelfs de meeste artsen reiken niet zo snel de mogelijkheid aan om te stoppen, vertelt ze. “Toch kan dat wél goed zijn. Als je over je grens heen gaat, dan loop je het risico om jezelf óf elkaar kwijt te raken. Zelfs als het dan lukt om een kind te krijgen, is dat bepaald geen ideale situatie.” Linssen denkt dat maar weinig mensen hun eigen grens accepteren als die eenmaal is bereikt. “Ook al hebben ze samen van tevoren een duidelijke grens afgesproken – iets wat ik altijd aanraad – dan nog lopen veel mensen er overheen.”

Twijfelen

Nienke zag dat onder lotgenoten inderdaad gebeuren. “Mensen vlogen naar het buitenland voor de gekste behandelingen, of overwogen ineens toch een donor, terwijl ze dat eerst helemaal niet wilden.” Dat maakte dat ze aan het twijfelen sloeg. “Ik dacht: wat vinden andere mensen ervan dat we stoppen? En wat vind ik zelf eigenlijk; hebben we er echt genoeg aan gedaan? Willen we wel graag genoeg een kind?” Diep in haar hart heeft ze het antwoord. “Natuurlijk willen wij heel graag een kind. Maar niet ten koste van alles. Overigens betekent dat niet dat ze geen verdriet heeft. “Sinds we zijn gestopt, vraagt niemand er meer naar. Alsof onze kinderwens ineens voorbij is. Terwijl de leegte hier in huis soms oorverdovend kan zijn.”

Lees ook: Stoppen met behandelingen

Huwelijk koesteren

Ondanks het verdriet, heeft Nienke voor haar gevoel haar leven weer terug. “Ik leefde voortdurend onder hoogspanning. Dat trok een wissel op mijn gestel, op onze relatie.” Ze heeft meer dan één huwelijk zien stranden op de stress rondom vruchtbaarheidsbehandelingen. “Als ik moet kiezen tussen over mijn grens gaan zonder te weten of het ooit lukt, of koesteren wat ik wél heb, namelijk mijn huwelijk, dan kies ik voor het laatste.” Iris denkt er net zo over. “Hebben wij er alles aan gedaan? Misschien niet. Maar wel alles wat voor óns goed voelde. Wat anderen daarvan denken, boeit me eerlijk gezegd niet.”

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het artikel de moeite waard? Dan kun je jouw waardering laten zien door een kleine bijdrage te doen. Als veel lezers dit doen, kunnen wij artikelen blijven schrijven over vruchtbaarheidsproblemen.

Mijn gekozen waardering € -

Plaats een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*